Inspiratie Je hebt altijd fans van bepaalde renners, maar in de Ronde supportert iedereen voor iedereen.

Je hebt altijd fans van bepaalde renners, maar in de Ronde supportert iedereen voor iedereen.

Tekst Hannes Dedeurwaerder – Beeld Sarah Corynen, Café Fringale


Vlaanderens Mooiste door de ogen van een ex-prof. Van de vijf Monumenten is de Ronde van Vlaanderen wellicht de meest tot de verbeelding sprekende: mythische hellingen als scherprechter, niet zelden apocalyptische weersomstandigheden, steevast een mensenzee langs het parcours en zonder uitzondering een zinderende finale. Voormalig profwielrenner Kris Boeckmans reed de legendarische wedstrijd vier keer en weet dus als geen ander hoe die aanvoelt.

In 2020 moest je stoppen met koersen, wat toch je grote passie was. Vandaag run je espressobar Café Fringale. Want blijkbaar is koffie een andere passie van jou?

“Klopt. Sowieso was koffie al belangrijk voor mij als wielrenner, omdat wij heel hard moeten opletten met gesuikerde dranken en alcohol. Toen ik nog koerste, had ik zelfs al een klein businessplan gemaakt om ook na mijn profcarrière met koffie bezig te zijn: ik ging het namelijk combineren met een fietsherstellingsdienst. Alleen bleek dat niet zo realistisch: je kan niet én fietsen herstellen én koffie maken voor de mensen die aan het wachten zijn (lacht). Na mijn carrière heb ik dat businessplan terug opgediept, maar ik heb er de helft van afgescheurd en weggegooid: ik zou me volledig op de koffie focussen. Het resultaat? Espressobar Café Fringale, waar ook snacks als huisgemaakt gebak en bagels worden verkocht. Ik heb zelf ook verschillende koffieblends gemaakt die hier gekocht kunnen worden.”

De ene koffieboon is de andere niet, heb ik me al laten vertellen.

“Ik had destijds een abonnement bij verschillende koffiebranders, die mij regelmatig single origines opstuurden uit Indonesië, Guatemala, Brazilië of Colombia. Ik ging daarmee aan de slag in mijn eigen espressotoestel. Een heuse ontdekkingstocht, want je hebt inderdaad heel veel types – kleine of grote bonen, hard of zacht geroosterd, dark of medium – waardoor elke koffie anders maalt en andere doorlooptijden vraagt. Een bijzonder fascinerende wereld.”

Wielrennen blijft echter je eerste passie. Hoe is die eigenlijk ontstaan?

“Mijn ouders zaten bij twee wielerclubs in het dorp. Toen ik negen jaar was, deed ik eens mee aan een tocht van 150 kilometer. De laatste 25 daarvan moest ik me weliswaar laten duwen, maar ik heb de rit wél uitgereden. Dat was de echte start van mijn liefde voor het wielrennen: prompt stak mijn vader op basis van wat gekregen onderdelen een koersfiets in elkaar, waar ik drie jaar lang in die twee clubs mee heb rondgereden. Tot ik met de centen die ik voor mijn plechtige communie had gekregen een échte koersfiets kon kopen. Toen ben ik pas écht beginnen koersen.”

Hoe ben je dan uiteindelijk prof geworden?

“Tot en met mijn achttiende heb ik heel veel gefietst, maar nooit echt getraind. Ik leefde ook niet als een atleet en combineerde koersen zelfs nog met basketbal. Maar op mijn twintigste kreeg ik een trainer en heb ik grote stappen vooruitgezet: bij de beloften deed ik opeens mee voor de overwinningen. Ik werd provinciaal kampioen en in 2009 zelfs Europees kampioen bij de beloften. Dat was genoeg om op te vallen bij de profploegen.”

Daar was je doorbraakjaar 2015, met onder meer winst in Le Samyn en Nokere Koerse. Maar het werd ook je rampjaar toen je zwaar ten val kwam in de achtste rit van de Vuelta.

“2015 was het jaar waarin alle puzzelstukjes samenvielen en ik aansluiting maakte met de wereldtop. Ik keek al uit naar de winter om daar een goede basis te leggen voor 2016, waarin ik echt wilde oogsten. Het ene moment dacht ik daaraan, het volgende moment werd ik wakker in een bed en kon ik niets meer: zelfs niet mijn hoofd opheffen. Wat heel gek is aangezien ik me kort daarvoor nog oersterk voelde.”

Je bent toen zelfs elf dagen in een kunstmatige coma gehouden. Sta je sindsdien anders in het leven, wetend dat het aan een zijden draadje heeft gehangen?

“Vooral voor mijn omgeving was die coma verschrikkelijk. Zelf besef je namelijk niets, terwijl zij elf dagen in stress en onzekerheid leefden: komt hij erdoor of niet? Wordt hij nog wakker? En of het mijn kijk op het leven veranderd heeft? Ja en nee. Je moet weten dat ik mijn broer heb moeten afgeven als ik achttien jaar was. Toén is mijn kijk op het leven enorm veranderd. Dat ongeluk in de Vuelta heeft die alleen maar bevestigd: het leven is keihard.”

Die krantenberichten over wielrenners die overhoop worden gereden door roekeloze chauffeurs doen jou wellicht ook wel veel.

“Absoluut, zeker als het met dodelijke gevolgen is. Ik ben er gelukkig nog, maar het had ook met mij gedaan kunnen zijn. Ik herinner me nog hoe sterk het mij als kleine jongen aangreep hoe Andrej Kivilev viel in Parijs-Nice en overleed. Dat was in de periode dat ze nog zonder helm rondreden – kan je je dat voorstellen?”

Jij besloot na je accident terug te keren naar het peloton. Waarom eigenlijk?

“Dat vroegen de mensen mij ook massaal: waarom toch, Kris? Tja, een mens moet iéts doen in het leven, nietwaar. En als wielrennen je passie is … Bovendien wil ik het wielrennen niet specialer maken dan het is: er gebeuren dagelijks dodelijke ongelukken. Op de werkvloer, in het verkeer, noem maar op. Ik wil eigenlijk vooral zeggen dat mensen vaak niet genoeg beseffen hoe het allemaal aan een zijden draadje hangt, dat die daarboven maar heeft door te knippen. Als Hij zegt dat het gedaan is, is het gedaan. Wie je ook bent.”

Om het toch even over de mooiere kant van koersen te hebben: binnenkort vindt de Ronde van Vlaanderen plaats. Is dat je favoriete koers?

“Als wielrenner lag Milaan-San Remo mij het best, maar de Ronde van Vlaanderen bracht het meest teweeg qua publiek en beleving. Laat het mij zo stellen: als persoon vond ik de Ronde van Vlaanderen leuker, als renner Milaan-San Remo. Ik ben er bijna eens dichtbij geweest, maar toen viel ik in een afdaling. Tom Boonen verwees daar achteraf naar in een interview: den Boeckmans ging op zijne zak en toen scheurde het. Sporza heeft dat toen gemonteerd tot iets als den Boeckmans scheurde zijne zak. Dat vond ik wel grappig.”

Kan je onder woorden brengen wat de Ronde met jou doet als wielrenner? Hoe beleef je zo’n dag?

“Ik heb van elke editie genoten, zelfs van de edities waarin ik door omstandigheden achteraan verzeilde. Mensen langs de kant blijven voor je supporteren en roepen. Hartverwarmend is dat. Ik vind dat het mooie aan wielrennen: je hebt altijd wel fans van bepaalde renners, maar uiteindelijk supportert iedereen in de Ronde voor iedereen. Een heel speciale beleving.”

Doet het soms nog pijn dat je niet meer meedoet en dat je noodgedwongen hebt moeten opgeven? “Ik kan dat wel plaatsen en accepteren. Zeker vandaag, aangezien ik nu de leeftijd heb waarop ik al twee jaar gestopt zou zijn. Ja, het was in het jaar dat ik begon te winnen, maar eigenlijk vond ik het vooral straf dat ik na mijn val en revalidatie toch nog een paar jaar heb kunnen fietsen. Maar goed, op een bepaald moment was het gewoon op: de prestaties bleven uit, corona kwam erbij, ik moest er nog meer voor doen en laten en ik had ongelooflijk veel rust nodig door de longschade die ik had opgelopen. Dat ene percentje om het verschil te maken was er niet meer. Dus heb ik de eer aan mezelf gehouden.”

Tot slot: wie wint de Ronde?

“Mathieu (van der Poel, red.) zal héél goed zijn, maar ik hoop vooral op een prachtige koers. Een echte strijd.”

Café Fringale is bedoeld om inclusief te zijn en mensen samen te brengen onder het genot van een geweldige kop koffie om verhalen te delen. De cultuur van koffie en fietsen doorbreekt de barrières die verschillende mensen met elkaar verbinden, ongeacht het type fiets dat ze gebruiken. De fiets is niet alleen een object maar ook een levensstijl. Café Fringale wil een omgeving creëren waarin iedereen, van de niet-fietser tot de World Tour, zich welkom voelt.

Cafefringale.com


Touche.be Netwerk van Zorg & Kwaliteit